(Veranderde) identiteit

Rol van de logopedist bij het ondersteunen van identiteitsvorming
door Rianne Brinkman
Het doormaken van Niet-Aangeboren Hersenletsel (NAH) betekent vaak een ingrijpende breuk in iemands levenslijn. Van de ene op de andere dag is het vertrouwde leven niet meer zoals het was. Mensen met NAH worden geconfronteerd met de noodzaak hun identiteit opnieuw vorm te geven. Als er ook sprake is van afasie, wordt deze uitdaging nog groter: beperkingen in communicatie bemoeilijken het proces van zelfexpressie en het delen van ervaringen (Shadden, 2005).
Volgens de filosoof Paul Ricoeur (1992) construeren mensen hun identiteit op een verhalende manier – dit wordt ook wel narratieve identiteit genoemd. Taal speelt hierin een essentiële rol. Door verhalen uit te wisselen met anderen, bouwen mensen een begrip op van wie ze zijn. Identiteit is geen vaststaand gegeven, maar een dynamisch begrip waarin nieuwe ervaringen voortdurend een plek moeten krijgen in het levensverhaal. Een ontwrichtende gebeurtenis zoals hersenletsel kan de samenhang van het levensverhaal verstoren en identiteitsveranderingen teweegbrengen.
Hoewel er veel onderzoek is gedaan naar de impact van verworven aandoeningen op identiteit, worden personen met afasie (PMA) hierin vaak niet meegenomen vanwege hun communicatieve beperkingen (Taubner et al., 2018). Hierdoor is er relatief weinig bekend over hoe zij hun identiteit ervaren en herdefiniëren na hersenletsel. Uit onderzoek naar identiteitsveranderingen bij mensen met NAH blijkt dat zij veranderingen ervaren in hun zelfbeeld, de verbinding met hun lichaam en zingeving (Kitzmüller et al., 2013; Pallesen et al., 2014). Ook bij PMA komen vergelijkbare thema’s naar voren. Een overzicht van deze thema’s is weergegeven in het ‘Model van Narratieve Identiteit’. Voor een uitgebreidere toelichting op het model en de onderliggende theorieën wordt verwezen naar Brinkman et al. (2025) en Brinkman (2025) in Aan de slag met afasie (paragrafen 4.2 en 9.1).
Onderzoek laat zien dat narratieve methoden een waardevolle bijdragen kunnen leveren aan de identiteitsvorming, het psychosociaal welbevinden en de kwaliteit van leven van PMA (Bronken et al., 2012; Corsten et al., 2015; Strong et al., 2018). Internationale benaderingen zoals Narraktiv (Corsten et al., 2015) en My Story (Strong et al., 2018) zijn voorbeelden van interventies waarin het vertellen van persoonlijke verhalen centraal staat. Narratieve methoden zijn erop gericht identiteitsvorming van PMA te ondersteunen en heeft als doel hen te faciliteren hun levensverhaal te delen door het leven voor de afasie, het moment van de beroerte, het leven nu en de toekomst te exploreren.
Daarnaast blijkt dat het combineren van narratieve en creatieve methoden extra meerwaarde kan bieden (Brinkman, 2018; Pieri et al., 2023; Brinkman et al., 2026, under review). Door deze combinatie van verbale (narratieve) en non-verbale methoden (creatieve) werkvormen krijgen PMA de mogelijkheid zich anders dan talig uit te drukken en ervaringen te delen die moeilijk in woorden te vatten zijn (Estrella & Forinash, 2007).
Logopedisten kunnen vanuit hun expertise in communicatie een sleutelrol spelen in het ondersteunen van deze processen. Zij kunnen ruimte creëren voor het uitwisselen van verhalen door zich te scholen in narratieve methoden en deze te integreren in hun behandeling. Daarnaast is het van belang dat zij erkennen dat het omgaan met afasie een voortdurend proces is, dat vraagt om langdurige ondersteuning, waarbij interprofessionele samenwerking een voorwaarde is om het psychosociaal welbevinden van PMA te bevorderen. Dit komt onder meer tot uiting in aanbevelingen twee, vijf en tien uit uitgangsvraag zeven van de herziene Richtlijn Afasie (NVLF, 2025), die gericht zijn op het begeleiden van psychosociaal welbevinden bij afasie.
Professionals zoals geestelijk verzorgers, social workers, vaktherapeuten en psychologen zetten bewust interventies in om identiteitsvorming te ondersteunen. Zij geven echter aan onvoldoende toegerust te zijn om effectief te communiceren met PMA. Logopedisten daarentegen beschikken over specialistische kennis en vaardigheden op het gebied van communicatie met deze doelgroep, maar hebben niet altijd voldoende achtergrond in identiteit of inzicht in hoe zij vanuit hun vakgebied hieraan kunnen bijdragen (Strong & Shadden, 2020).
Deze wederzijdse lacunes onderstrepen het belang van interdisciplinaire samenwerking. Door krachten te bundelen kunnen professionals elkaar aanvullen en gezamenlijk bijdragen aan de identiteitsvorming en het psychosociaal welbevinden van PMA.
Mijn verhaal telt
In dit kader komt in de loop van 2026 de scholing Mijn Verhaal Telt beschikbaar, speciaal voor logopedisten. Deze cursus biedt handvatten om narratieve methoden toe te passen binnen de eigen zorgpraktijk, zowel bij PMA als bij andere doelgroepen met communicatieve beperkingen. Het doel is om identiteitsvorming, psychosociaal welbevinden en kwaliteit van leven te bevorderen.
Meer informatie: rianne.verhaalkracht@gmail.com en
www.verhaalkracht.com(in ontwikkeling).
Verder lezen
Boeken:
- Brinkman, R. (2018). Bouwen aan identiteit. Behandeling van afasie – met 25 werkvormen. Breindok.
- Brinkman, R. (2025). 4.2 Identiteit en 9.1 Casuïstiek rondom identiteit. In L. van Ewijk, W. Doedens & R. Dalemans (Red.), Aan de slag met afasie. Boom.
- Shadden, B. B., Hagstrom, F., & Koski, P. R. (2008). Neurogenic communication disorders: Life stories and the narrative self. Plural Publishing.
Richtlijn:
- NVLF (2025). Logopedische richtlijn diagnostiek en behandeling van personen met afasie ten gevolge van een beroerte. NVLF. Alii - UGV 7 - Wat is de rol van de logopedist in de begeleiding van het psychosociaal functioneren van personen met afasie? - Current
Theoretisch artikel:
- Brinkman, R., Cardol, M., Neijenhuis, C.A.M., Luinge, M. & Leget, C. (2026). Leave the thorn, enjoy the rose. Identity formation of people with aphasia in the early rehabilitation phase. Journal of Communication Disorders, 120, 106627. https://doi.org/10.1016/j.jcomdis.2026.106627
- Strong, K. A., & Shadden, B. B. (2020). The power of story in identity renegotiation: Clinical approaches to supporting persons living with aphasia. Perspectives of the ASHA Special Interest Groups, 5(2), 371–383.
https://doi.org/10.1044/2019_PERSP-19-00145
Referenties
- Brinkman, R. (2018). Bouwen aan identiteit. Behandeling van afasie – met 25 werkvormen. Breindok.
- Brinkman, R., Cardol, M., Neijenhuis, K., Luinge, M., & Leget, C. (2023). Wie ben ik nu?: Een pilotonderzoek naar identiteitsveranderingen van Lot, een persoon met afasie. Nederlands Tijdschrift voor Logopedie, 95(6), 22–29.
- Brinkman, R., Neijenhuis, K., Cardol, M., & Leget, C. (2025). Who am I now? A scoping review on identity changes in post-stroke aphasia. Disability and Rehabilitation, 47(5), 1081–1099.
- Brinkman, R. (2025). 4.2 Identiteit. In L. van Ewijk, W. Doedens & R. Dalemans (Red.), Aan de slag met afasie. Boom.
- Brinkman, R. (2025). 9.1 Casuïstiek rondom identiteit. In L. van Ewijk, W. Doedens & R. Dalemans (Red.), Aan de slag met afasie. Boom.
- Brinkman, R., Cardol, M., Neijenhuis, C.A.M., Luinge, M. & Leget, C. (2026). Leave the thorn, enjoy the rose. Identity formation of people with aphasia in the early rehabilitation phase. Journal of Communication Disorders, 120, 106627. doi.org/10.1016/j.jcomdis.2026.106627
- Brinkman, R., Von der Heide, B. & Corsten, S. (under review). I find it very valuable that I was allowed to do this: Fostering professional identity in speech-language therapy students through training in narrative Interventions in aphasia. Journal of Communication Disorders.
- Bronken, B. A., Kirkevold, M., Martinsen, R., & Kvigne, K. (2012). The aphasic storyteller: Coconstructing stories to promote psychosocial well-being after stroke. Qualitative Health Research, 22(10), 1303-1316.
- Corsten, S., Schimpf, E. J., Konradi, J., Keilmann, A., & Hardering, F. (2015). The participants’ perspective: How biographic–narrative intervention influences identity negotiation and quality of life in aphasia. International Journal of Language & Communication Disorders, 50(6), 788–800.
- Estrella, K., & Forinash, M. (2007). Narrative inquiry and arts-based inquiry: Multinarrative perspectives. Journal of Humanistic Psychology, 47(3), 376-383.
- Kitzmüller, G., Häggström, T., & Asplund, K. (2013). Living an unfamiliar body: the significance of the long-term influence of bodily changes on the perception of self after stroke. Medicine, Health Care and Philosophy, 16(1), 19-29.
- NVLF (2025). Logopedische richtlijn diagnostiek en behandeling van personen met afasie ten gevolge van een beroerte. NVLF.
- Pallesen, H. (2014). Body, coping and self-identity. A qualitative 5-year follow-up study of stroke. Disability and rehabilitation, 36(3), 232-241.
- Pieri, M., Foote, H., Grealy, M. A., Lawrence, M., Lowit, A., & Pearl, G. (2023). Mind-body and creative arts therapies for people with aphasia: a mixed-method systematic review. Aphasiology, 37(3), 504-562.
- Ricoeur, P. (1992). Oneself as another. The University of Chicago Press.
- Shadden, B. (2005). Aphasia as identity theft: Theory and practice. Aphasiology, 19(3-5), 211-223.
- Strong, K. A., Lagerwey, M. D., & Shadden, B. B. (2018). More than a story: My life came back to life. American Journal of Speech-Language Pathology, 27(1S), 464–476.
- Strong, K. A., & Shadden, B. B. (2020). The power of story in identity renegotiation: Clinical approaches to supporting persons living with aphasia.
Perspectives of the ASHA Special Interest Groups, 5(2), 371–383.





